Meer weten over dit product?

Stel een vraag of vraag documentatie aan:
  • CAD-bestanden, BIM-objecten en bestekteksten
  • Brochures en uitvoeringsvoorschriften
  • Offerte aanvragen

Omschrijving

Als er één segment in de bouw is die constant in ontwikkeling is, dan is het wel de markt voor gevelbekleding; de fotocarrousel bij deze pagina is daar getuige van. Fabrikanten, leveranciers en ontwerpers zitten bepaald niet stil.

Onder een buitenwandafwerking van vlakke platen wordt verstaan een niet-naadloze afwerking, die rechtstreeks of met behulp van een onderconstructie als buitenste laag tegen een buitenwand is aangebracht. Tot de hieronder vallende afwerkingen worden niet alleen vlakke platen gerekend, maar ook cassetteplaten. Een gevelafwerking met vlakke platen wordt vooral in de utiliteitsbouw en voor appartementengebouwen en flats toegepast, hoewel het voor woningen ook prima inzetbaar is. Vlakke platen kunnen ook in renovatieprojecten worden toegepast.

Meteen een product vinden? >> Gevelbekleding op NBD-Online

Kenmerken

  • Natuursteen;
  • Aluminium, koper en staal;
  • Triplex, hout en houtlook;
  • Kunststof en composiet.

Referentienummers

  • Gevelbekleding
  • (41) Wandafwerkingen, buiten
  • 35.34 natuursteen blokken, platen en banden, 35.44 kunststeen blokken, platen en banden, 24.42 vlakke-plaatbekledingen (ruwbouwtimmerwerk), 24.45 paneelbekledingen (ruwbouwtimmerwerk), 31.00 systeembekledingen, 31.31 enkelvoudige paneelbekledingen, 31.32 enkelvoudige felsplaatbekledingen, 33.71 vezelcement-plaatbekledingen, 33.73 metalen-plaatbekledingen, 33.74 kunststof-plaatbekledingen
  • Gevelbekleding natuursteenGevelbekleding houtlookGevelbekleding betonGevelbekleding kunststof

Samenstelling

Systeemopbouw

Vlakke platen voor gevelbekleding kunnen worden onderscheiden in:

  • Niet-samengestelde platen, vervaardigd van een homogeen materiaal;
  • Samengestelde platen, opgebouwd uit twee of meerdere lagen van verschillend materiaal die tot en plaat zijn samengevoegd.

De niet-samengestelde platen kunnen vervaardigd zijn van:

  • Natuursteen, onder te verdelen in:
    • afzettingsgesteenten;
    • stollingsgesteenten;
    • metamorfe gesteenten.
  • Metaal, onder te verdelen in:
    • koper;
    • zink;
    • aluminium;
    • staal.
  • Kunststof: polyvinylchloride (PVC en PVC-UE);
  • Hout: o.a. vuren, red cedar, lariks, yellow pine;
  • Cementgebonden houtspaanplaten;
  • Beton (architectonisch beton);
  • Composieten, o.a. gebaseerd op:
    • polymeerbeton gewapend met glasvezel;
    • rijstschillen, steenzout en minerale olie;
    • glasvezelversterkte polymeer;
    • basalt;
    • cement met cellulosevezels;
    • houtvezels of geïmpregneerd papier en hars;
    • houtpulp en vliegas.

Samengestelde platen kunnen opgebouwd zijn uit:

  • één- of tweezijdig aluminium op een drager van:
    • aluminium honingraat;
    • mineralen.
  • een plaat van composiet, aan de zichtzijde afgewerkt met een laag natuursteenkorrels, leverbaar in diverse soorten;
  • een plaat van composiet, aan de zichtzijde afgewerkt met een folie met houtnerfstructuur, voor een ’houtlook’, als alternatief voor houten gevelbekleding.

Een product vinden? >> Gevelbekleding op NBD-Online

Elementopbouw

Vlakke platen kunnen op de volgende wijze tegen de buitenzijde van een buitenwand worden aangebracht:

  • Rechtstreeks;
  • op een, in het werk samengesteld, stijl- en regelwerk van hout;
  • Op een onderconstructie van staal of aluminium.

Hierbij wordt gebruik gemaakt van één van de volgende bevestigingen:

  • Ankers, onder te verdelen in draagankers, trekankers, draag/trekankers;
  • Klangen, te onderscheiden in vaste klangen en schuifklangen;
  • Nagels (op houten ondergrond);
  • Schroeven (op houten of steenachtige ondergrond);
  • Lijmen;
  • Specifieke constructies, zoals:
    • profielen;
    • blindklinknagels;
    • hangconstructies (haken aan de achterzijde van de platen die steunen op hoekprofielen van de draagconstructie);
    • productgebonden systemen.

De voegen tussen de platen zijn open of min of meer gesloten door:

  • kitten;
  • felsnaden (enkel of dubbel);
  • roeflatten;
  • profielen (kunststof, aluminium of staal);
  • klikprofielen;
  • messing en groef;
  • samengestelde afdichtingen.
Materiaal

Niet-samengestelde vlakke platen:

  • Natuursteen, een groot aantal soorten komt in aanmerking:
    • Stollingsgesteenten: vooral basalt, gneis, labrador en graniet;
    • Sedimentgesteenten: vooral kalksteensoorten;
    • Metamorfe gesteenten: marmersoorten, conglomeraten en leisteen.
  • Koper: voor gevelbekleding kan gebruik worden gemaakt van legeringen (koper-aluminium legering, koper-zink legering) omdat de verhouding tussen treksterkte en rek bij deze toepassingsvorm het gunstigst is. Maar gepatineerd koper en gerecycled koper worden ook gebruikt;
  • Zink: voor zinken gevelbekleding wordt gebruik gemaakt van titaanhoudend bladzink;
  • Aluminium: aluminium platen zijn vervaardigd van koudgewalste aluminium legeringen. De gewalste platen worden, afhankelijk van de behandeling die ze tijdens of na het vervaardigen ondergaan, onderscheiden in:
    • walsblanke platen;
    • gecoate platen;
    • geanodiseerde platen.
  • Staal:
    • Stalen platen zijn van koudgewalst staal, zoals bijvoorbeeld in kwaliteit S320;
    • Roestvast staal is een legering met naast ijzerchroom of chroom en nikkel als belangrijkste bestanddelen, waardoor onder andere een goede bestandheid tegen corrosie wordt verkregen. Corrosiebestandheid wordt verkregen bij een chroomgehalte van minstens 12%. De maximale bestandheid wordt bereikt bij een chroomgehalte van 25-30% voor niet-nikkelhoudende legeringen (chroomnikkelstaal), afhankelijk van het nikkelgehalte;
    • Cortenstaal is een metaallegering van staal waaraan koper, fosfor, silicium, nikkel en chroom zijn toegevoegd. De sterkte is vergelijkbaar met die van andere gelegeerde staalsoorten zoals roestvast staal. De roestkleurige en zeer dichte oxidehuid schermt het dieper liggende materiaal af van zuurstof, waardoor de oxidatie sterk vertraagt. Door de oxidehuid is het niet nodig het materiaal te schilderen. Hoewel de toepassing als gevelbekleding populair is, wordt het toch afgeraden om het daarvoor toe te passen, omdat het toch gevoelig blijft voor corrosie en het roest van het staal kan afgeven op trottoirs.
  • Kunststof: voor gevelafwerkingen met vlakke platen van kunststof wordt voornamelijk gebruik gemaakt van PVC. Door toevoeging van andere stoffen zoals vulstoffen, kunnen de eigenschappen van PVC beïnvloed worden en afgestemd op toepassingseisen. Kunststof delen in de vorm van houten planken hebben een structuurfolie of zijn in de mal van een houtnerfstructuur voorzien;
  • Hout: grotere paneelafmetingen worden van geïmpregneerde multiplex of triplex platen gemaakt. Kleinere afmetingen in de vorm van planken zijn van hout.
    De verlijming van triplex voor buitentoepassing volgens NEN-EN 314-2 klasse 2 is geschikt voor beschut/beschermd buiten, klasse 3 is geschikt voor onbeschermde buitentoepassingen.
    Houtvezelcementplaten zijn vervaardigd van met cement gebonden houtspaanders. De platen zijn eenzijdig voorzien van een gekleurde kunsthars toplaag.

Samengestelde platen:

  • De kern van platen met aluminium bekleding bestaat uit aluminium honingraat of een vast schuim op basis van mineralen;
  • Toplagen voor composiet beplating kan bijvoorbeeld bestaan uit elektronisch gehard acryl.
Fabricage
  • Koper beplating: kneedlegeringen zijn na het gieten nog vervormbaar. Deze legeringen zijn de volgende tombak en messing, fosforbrons, nieuwzilver, precipitatie hardbaar en worden in verschillende toestanden geleverd;
  • Aluminium platen: blokken van primair aluminium worden gesmolten en in een continu of hal continu proces gewalst. Bij het continu proces vindt in deze fase een snelle afkoeling plaats, waardoor de hoeveelheid opgelost mangaan groter is dan bij het hal continu proces. De continue koudgewalste platen hebben daarom een grotere sterkte dan de hal continu gewalste;
  • Stalen beplating: een stalen band wordt na het koudwalsen in een continuproces vanaf de coil (rol) thermisch (sendzimir) verzinkt, vervolgens worden één of meer coatings aangebracht, eventueel eerst een hechtlaag of primerlaag.
    De coatings moeten zodanige mechanische eigenschappen hebben, dat deze eventuele vormveranderingen kunnen verdragen zonder hun functie en hechting te verliezen;
  • Roestvast stalen beplating: behandelingsmethoden die een grote invloed hebben op de eigenschappen van roestvast staal zijn onder andere koudvervormen en warmtebehandelingen.
    Bij het koudwalsen, knippen of snijden, vouwen, persen en dieptrekken treedt ter plaatse van de bewerking koudeversteviging op, dat wil zeggen dat het materiaal door de hoge druk plaatselijk harder en sterker wordt. Doordat hierbij vrij hoge inwendige spanningen kunnen worden opgewekt, is bij herhaalde bewerking een tussentijdse warmtebehandeling (gloeien) gewenst;
  • Kunststof beplating:  voor de vervaardiging van PVC platen komen de volgende methoden in aanmerking:
    • walsen: voor plaatdikten van 1-3 mm;
    • extruderen: voor platen van 0,5-5 mm dikte;
    • gieten: voor zeer gladde platen in grotere maten;
    • lamineren: voor platen in dikten van 0,25-12,5 mm.

Daarnaast wordt voor het aanbrengen van reliëf, of voor het profileren van cassetten, gebruik gemaakt van de vacuüm-vormmethode.

Oppervlaktebehandeling

Natuursteen blijft onbewerkt of krijgt een oppervlaktebehandeling in de steenzagerij of steenhouwerij. Daaronder vallen onder andere boucharderen, frijnen, schuren en polijsten.

Thermische verzinkte staalplaten worden volgens een continu sendzimir procedé van een zinklaag voorzien. Het zinkgewicht moet volgens de aanwijzingen van NEN-EN-ISO 1461 worden uitgevoerd.

Verzinkte en aluminium platen kunnen ook door coil coating worden voorzien van een coating of folie. Hierbij worden één of meerdere lagen van een thermohardende of thermoplastische lak dan wel kunststoffolie op het plaatmateriaal aangebracht. Op aluminium platen wordt eerst een conversielaag aangebracht, ten behoeve van de hechting.

Triplex wordt één- of tweezijdig geschuurd aangeleverd.

Houtcementplaten zijn afgewerkt met een kunstharslaag.

Toebehoren

Daartoe behoren alle onderconstructies van aluminium of staal, inclusief afdek- koppen en beëindigingslijsten en afdichtingsprofielen (zie Ontwerpdetails). Voor de meeste platen kunnen bevestigingsmaterialen meegeleverd worden.

Natuursteen platen worden in de regel met bijbehorende bevestigingsankers geleverd.

Voor de bevestiging van koper en zink wordt gebruik gemaakt van klangen, nagels en schroeven.

Hulpstukken

Stalen, aluminium en kunststof platen kunnen geleverd worden met bijbehorende hulpstukken ten behoeve van de aansluiting op aangrenzende geveldelen evenals met ronde of haakse hoekprofielen, beëindigingsprofielen, druiplijsten en dergelijk.

Voor platen van kopen en zink kunnen met de zetbank hulpstukken worden vervaardigd.

Vorm en afmeting

Vorm

Zelfs met vlakke gevelpanelen is een sculpturaal eindresultaat te bereiken. Meerdere platen zijn geschikt om met een bepaalde ronding de vloeiende lijnen van een gevel te volgen.

Verder zijn veel plaatmaterialen naast in rechthoekige vormen bijvoorbeeld ook in driehoeken of  octogonalen leverbaar.

Oppervlaktestructuur

Een wandafwerking van natuursteen is min of meer vlak, afhankelijk van de aard en de bewerking van natuursteen.

Nieuw aangebracht zink heeft een glad oppervlak. Op zink, onbehandeld aluminium en weervast staal ontstaat aan de luchtzijde een oxydehuid die stroef is. Gevelafwerkingen van zuiver koper krijgen in een vochtig milieu een groene kleur door de vorming van basisch kopercarbonaat, het zogenaamde patina, waardoor een stroef oppervlak ontstaat.

Vlakke stalen, aluminium of composiet platen zijn glad of voorzien van een dessin. Stalen en aluminium cassetten hebben in de regel een glad oppervlak.

PVC platen zijn gladde, van een toplaag of coating voorziene platen. PVC geveldelen met een houtlook hebben een houtnerfstructuur.

Kleur

De genoemde natuursteensoorten hebben de volgende kleuren:

  • Basalt: grijs, zwart;
  • Gneis: rood-, bruin- en grijstinten;
  • Labrador: groen-, blauw-, grijs- en bruintinten;
  • Graniet: grijs-, rood-, bruin- en geeltinten;
  • Kalksteen: crème, geel, rood, bruin;
  • Marmer: wit, grijs, roze;
  • Leisteen: zwart, antraciet.

De kleur van zuiver koper is roodbruin, de kleur van diverse legeringen varieert van geel tot bruin. In een vochtig milieu krijgt zuiver koper een groene kleur.

Zink verkrijgt door oxidatie van het oppervlak een matgrijze kleur, weervast staal krijgt een roodbruine kleur.

Alle overige gecoate of beklede platen worden geleverd volgens de kleurstalen van de fabrikant, of in speciale kleuren op bestelling.

Prestaties

Materiaaleigenschappen

 

Druksterkte, N/mm2

Treksterkte, N/mm2

Buigsterkte, N/mm2

E-modulus, ∙103 N/mm2

Natuursteen

50-250

3

 

6-115

Zink

-

120-235

 

125

Koper

-

200-270

 

115

Aluminium

-

220-500

 

120

Staal

370-460

310-510

 

210

PVC

110

35-60

110

2,5

Hout

3,5-8*

10-15*

40-115

9-11

Houtcement

 

 

1,8*

 

Composiet

3,5-21

10-20

40-50

5-10

* toelaatbare spanning

Vuur, explosie

Brandbaarheid

 

Klasse

Volgens norm

Natuursteen

-

 

Zink

klasse A1

DIN 4102

Koper

-

 

Aluminium

klasse 1

brandklasse B1

BS 476 part 7

NEN 6065

Aluminium sandwich

B-s1, d0

NEN-EN 13501-1

Staal

brandklasse A1

NEN 6065

PVC

B2

DIN 4102-4

Hout

brandklasse D (B alleen mogelijk icm brandvertrager)

NEN-EN 14915

Houtcement

B-S1, d0

NEN-EN 13501-1

Composiet

A2-S1, d0 / B-S1, d0

B-S2, d0 / B-s3-d0

NEN-EN 13501-1

Brandwerendheid

Het Bouwbesluit stelt eisen aan de brandwerendheid van de gehele buitenwand. De afwerking kan hiertoe een bijdrage leveren.

Gedrag bij brand

Natuursteen is ontbrandbaar, maar niet alle soorten zijn hittebestand.

Metalen platen zullen als gevolg van hoge temperaturen vervormen.

PVC kan bij brand smelten, vervormen en ontleden. Tijdens het smelten en verbranden vindt druppelvorming plaats, die branduitbreiding kan veroorzaken wanneer druppels terecht komen op een brandbaar materiaal.

Verbrandingsproducten

Bij de verbranding van PVC komt zoutzuurgas vrij dat giftig is en sterk corroderen werkt.

Gassen, vloeistoffen, vaste stoffen

Waterdichtheid

De voegen tussen de platen zijn open of min of meer gesloten. In verband met mogelijke regendoorslag en kans op (inwendige) condensatie, dient de spouw tussen de wandafwerking en de achterliggende constructie tenminste zwak geventileerd te worden.

Bestandheid

  • Natuursteen is in het algemeen goed bestand tegen weersinvloeden. In een agressief milieu kan natuursteen echter worden aangetast;
  • Bij de vorming van kopercarbonaat op koperen afwerkingen kan dit gedeeltelijk in regenwater oplossen en aantasting op andere metalen veroorzaken;
  • Onder normale omstandigheden ontstaat op zink een laat uit zinkoxide en zinkcarbonaat. Deze laag is onoplosbaar in water;
  • Door atmosferische invloeden verdwijnt bij thermisch verzinkte platen een deel van de zinklaag. De zinklaagdikte is de bepalende factor voor de beschermingsduur. Over het algemeen geldt: hoe dikker de zinklaag, hoe groter de levensduurverwachting. Volgens NEN-EN-ISO 9223 zijn de volgende klimaatklassen voor zink van toepassing:

Klimaatklasse

Gemiddeld verlies zink/jaar

Atmosferische omstandigheden

C2

0,1 - 0,7 ųm

Landelijk gebieden (binnenland), atmosfeer met een laag vervuilingsniveau en lage luchtvochtigheid

C3

0,7 - 2 ųm

Stedelijk en industrieel gebied met hoge luchtvochtigheid, matige SO² verontreiniging. Kustgebieden met laag zoutgehalte

C4

2 - 4 ųm

Industrieel en kustgebied met matig zoutgehalte. Hoge luchtvochtigheden en agressieve atmosfeer. Chemische constructies met een constante vocht-en vuilbelasting

C5-I (Industry)

4 - 8 ųm

Industrieel gebied met hoge luchtvochtigheid en agressieve atmosfeer

C5-M (Marine)

4 - 8 ųm

Kustgebieden en offshore gebieden met agressieve atmosfeer en hoge zoutconcentraties: buitengaatse gebieden, windmolens op zee, boorplatforms

  • Ook voor ijzer, zink, aluminium of koper is in NEN-EN-ISO 9223 de atmosferische corrosie ingedeeld  volgens deze corrosieklassen, waarbij voor elke klasse een minimale en maximale corrosiesnelheid is bepaald. Zodoende kan men binnen een bepaalde corrosieklasse vrij goed berekenen wanneer de deklaag aan haar minimale waarde;
  • Op walsblanke en geplatteerde aluminium platen ontstan na enige tijd kleine putjes, niet dieper dan 100-220 µm en een laagje aluminiumoxyde of -hydroxyde, dat vooral bij geplatteerde platen goed gesloten is en onoplosbaar is in water. Na verloop van tijd komt dit oxidatieproces tot stilstand. De oxidelaag dekt dan het eronder gelegen metaal volledig af. Alleen in een zeer agressieve atmosfeer kan de oxidehuid worden aangetast en kan putcorrosie ontstaan. Om dit te voorkomen moet een beschermlaag worden aangebracht of moet de plaat geanodiseerd worden;
  • Omdat metalen gevelbekleding van een voorheen vooral industriële toepassing naar andere projecten zoals kantoren en woongebouwen is overgeslagen, was er behoefte om daaromtrent eisen te stellen. In het Bouwbesluit (met verwijzing naar NEN-EN 1990 en NEN-EN-1991) wordt daarom nu een onderscheid gemaakt voor de levensduurverwachting van gevels voor industriële gebouwen van 15 jaar en voor woningen/kantoren/publieke gebouwen van 50 jaar. Dat betekent dat de verankering van platen die 50 jaar mee moet kunnen uit meer duurzame materialen moet bestaan. De Kwaliteitsrichtlijn Metalen Gevels en Daken omschrijft het volgende:

Milieu

Levensduur 50 jaar

Droog

 

> 15 km vanaf kust

sendzimir verzinkt staal - Z275

aluminiumzinkstaal - ZA255, AZ185

geschikte aluminiumlegeringen

< 15 km vanaf kust

sendzimir verzinkt staal - Z275

aluminiumzinkstaal - ZA255, AZ185

geschikte aluminiumlegeringen

Vochtig

 

> 15 km vanaf kust

sendzimirverzinkt staal - Z600

aluminiumzinkstaal - AZ350 MA of gelijkwaardig

geschikte aluminiumlegeringen

roestvaststaal - RVS 304, RVS 316

gecoat sendzimirverzinkt staal - Z275 + 2-zijdig 25 μm

dikke coating (geen interieurcoating)

gecoat aluminiumzinkstaal - ZA255 + 2-zijdig 25 μm

dikke coating (geen interieurcoating)

AZ185 + 2-zijdig 25 μm dikke coating (geen interieurcoating)

< 15 km vanaf kust

aluminiumlegeringen AlMg2,5 (5052), AlMg3 (5754)

  • De weersbestendigheid van PVC is afhankelijk van de samenstelling, stabilisering (modificatie om een hogere UV-bestandheid te bereiken), pigmentering en dergelijke;
  • Kunststoffen zijn in het algemeen bestand tegen verdunde zuren, basen en zouten. Ook worden kunststoffen niet aangetast door insecten of bacteriën;
  • Plaatranden van triplex en houtwolcement moeten behandeld worden en mogen niet door water aangetast worden.
Thermische eigenschappen

Materiaal

Lineaire uitzettingscoëfficiënt, α, ∙10-6K-1

Warmtegeleidingscoëfficiënt, λ W/m∙K

Natuursteen

1,4-11

2,3-3,5

Zink

28

110

Koper

17

350

Aluminium

24

200

Staal

12

41-52

PVC

60-90

0,2

Hout

30

0,11

Houtwolcement

12

0,26

Composiet

26-43

0,55

 

Toepassing

Bruikbaarheid, functioneel

Vlakke platen werden vooral eerst als gevelafwerking van industriële gebouwen gebruikt. Maar tegenwoordig worden ook veel toegepast bij woningbouw, kantoren en publieke gebouwen.

Bij renovatie is de toepassing vooral gericht op het verfrissen van het gevelbeeld en voor het herstellen van de bescherming tegen weersinvloeden, vaak hand in hand met het verhogen van de warmteweerstand van de buitenwand.

Een product vinden? >> Gevelbekleding op NBD-Online

Bruikbaarheid, economisch

De keuze voor het toepassen van materialen als natuursteen, koper, zink, roestvast staal of cortenstaal berust vrijwel altijd op de voorkeur voor de esthetische kwaliteiten van deze materialen.

Nadelen zoals het grote gewicht van natuursteen en de relatief arbeidsintensieve verwerking van deze materialen door speciale vaklieden en de in verhouding hoge materiaalkosten worden ruimschoots gecompenseerd door de grote duurzaamheid van deze materialen en de lage onderhoudskosten.

De keuze tussen, staal, aluminium, composiet of kunststof is een afweging van materiaalkosten en montagetijd. Maar toch wordt ook hier vooral de voorkeur gegeven aan een bepaald materiaal vanwege een specifieke eigenschap, zoals verzaagbaarheid, stijfheid, dikten, oppervlaktebewerkingen enzovoort.

PVC verdient soms de voorkeur als er bijzondere vormen verlangd worden, zeker als het gaat om de toepassing van een groter aantal van dezelfde vormen. Dit in verband met de kosten van het maken van mallen, spuitmonden en dergelijke.

Bruikbaarheid, voorschriften

Sterkte en stijfheid van gevelafwerkingen moeten worden afgestemd op de te verwachten windbelasting. Voor de berekening van de sterkte en stijfheid kan gebruik gemaakt worden van NEN-EN 1995. Verder kunnen gemeenteverordeningen aanvullende eisen stellen aan bevestigingsmiddelen.

Voor de toepassing van natuursteen als gevelbekleding moet men onder andere de normen NEN-EN 12326 en NEN-EN 13364 raadplegen.

Voor een triplex gevelbekledingen moet men de normen NEN-EN 314 en NEN-EN 635 in acht nemen.

Ontwerpdetails

De toepassing van buitenwandafwerkingen met een grote dampdichtheid kan aanleiding geven tot het optreden van inwendige condensatie in de gevel met vorstschade als mogelijk gevolg. Het is daarom aan te bevelen om bij dampdichte afwerkingsmaterialen die rechtstreeks of met een niet-geventileerde spouwruimte tegen de buitenwand worden aangebracht vooraf door berekening vast te stellen waar inwendige condensatie verwacht kan worden en hoeveel condensvocht het betreft.

Als uit deze berekeningen blijkt dat vorstschade niet uitgesloten kan worden, dan moet de constructie aangepast worden. Deze aanpassing kan bestaan uit het toevoegen van een dampremmende laag met een grotere dampdichtheid dan de buitenwandafwerking. De kans op inwendige condensatie is nihil indien de constructie zodanig is dat direct achter de afwerking voldoende ventilatie plaats kan vinden met (relatief) droge buitenlucht. Een dergelijke ventilatie is vooral van belang bij toepassing van thermische isolatie in de gevelconstructie, omdat de temperatuurval die hierdoor optreedt de kans op condensatie vergroot.

Het al of niet optreden van inwendige condensatie is naast de samenstelling van de constructie mede afhankelijk van de optredende dampspanningsverschillen tussen binnen en buiten. Deze verschillen hangen onder andere af van de vochtproductie in het gebouw. Bij gebouwen met een klimaatklasse I of II is de kans op inwendige condensatie gering. Bij gebouwen met een klimaatklasse III of IV dient men hier echter rekening mee te houden.

Verwerking en montage

Transport

Platen worden de fabrikant of leverancier in pakketten of, bij kleinere afmetingen, in kratten of op pallets direct op het werk afgeleverd. Tijdens het transport dient te worden voorkomen dat de platen onderling kunnen verschuiven om beschadiging van de zichtvlakken te voorkomen.

Opslag

De opslag dient bij voorkeur in een overdekte en goed geventileerde ruimte plaats te vinden. De platen behoren zijn de opslag voldoende ondersteund te zijn.

Voor metalen platen geldt dat de opslag van platen vrij van elkaar en iets hellend moet gebeuren. Vocht tussen een stapel platen kan snel corrosie (witroest) doen ontstaan. Bij opslag buiten dienen de platen afgedekt te zijn met een dekzeil. Zo nodig dienen de platen te worden afgeschermd tegen hitte.

Voorbereiding

Het uitzetten van de maten op de onderconstructie gebeurt met meetinstrumenten zoals een theodoliet of tachymeter. Voor kleinere werken en vlakken kan eventueel met een smetlijn en schietlood gewerkt worden.

De onderconstructie dient vrij te zijn van scherpe delen om beschadiging aan het oppervlak van de platen te voorkomen.

Montage

Montage wordt meestal gedaan door een gespecialiseerd bedrijf. Verschillende fabrikanten of importeurs kunnen ook voor de montage zorgdragen. Bij de meeste plaattypen wordt een uitgebreide montagehandleiding verstrekt.

De platen worden zo nodig van tevoren pas gemaakt, afgeschuind en voorzien van gaten voor de bevestiging. Voor het bepalen van de plaats van de gaten in de onderconstructie stellen sommige fabrikanten profielmallen beschikbaar.

De platen zijn met op het materiaal afgestemd gereedschap te zagen, knippen of te snijden.

Bescherming

Uit veiligheidsoverwegingen en ook om beschadiging van het plaatoppervlak te voorkomen verdient het aanbeveling gebruik te maken van een (mobiele) steiger of hoogwerker.

Onderhoud

Onderhoud

Het onderhoud blijft in de regel beperkt tot schoonmaken.

Reparatie

Beschadigde oppervlakken kunnen in overleg met de fabrikant hersteld of beschermd worden. Soms kunnen platen ook vervangen worden. Vervanging kan wel leiden tot kleurverschillen ten opzichte van de bestaande bekleding.

Economische factoren

Prijzen

De kostprijs voor het leveren en aanbrengen van platen zijn onder andere afhankelijk van het type, de hulpstukken, de verwerkingstijd, de bewerkbaarheid, het breukverlies, het aantal ondersteuningspunten en de plaats van invloed op de prijs per vierkante meter gevelbekleding.

Ook zijn de prijzen sterk onderhevig aan de schommelingen van de prijzen van grondstoffen en hangen onder andere af van de afwerking van de platen. Bovendien zijn de prijzen sterk kwantum-gebonden.

Levering

Direct of via handelaren in bouwmaterialen.

Levertijd

Met uitzondering van natuursteen zijn standaardplaten en hulpstukken in de regel uit voorraad leverbaar.

Technische service

Door de fabrikant of de leverancier worden adviezen en verwerkingsvoorschriften verstrekt.

Referenties

Geraadpleegde literatuur

Wikipedia (cortenstaal)

MCB Boek Online

Constructieve veiligheid metalen gevels, Kwaliteitsrichtlijn Metalen Gevels en Daken, 2010

Documentatie van leveranciers

Bent u deskundige en op de hoogte van meer ontwikkelingen op het gebied van gevelbekleding, vlakke platen?

Schroom dan niet om ons te informeren met een e-mail naar redactienbd@vakmedianet.nl.

Normen

NEN

NEN 1068

Thermische isolatie van gebouwen - Rekenmethoden

NEN 5255

Anodische oxidelagen op aluminium en aluminiumlegeringen aangebracht volgens een gelijkstroom/zwavelzuur- of gelijkstroom/zwavelzuur/oxaalzuur-proces - Eisen en keuringsmethoden

NEN 5467-NEN 5484

Kwaliteitseisen voor hout (KVH 1980)

NEN 6064

Bepaling van de onbrandbaarheid van bouwmaterialen

NEN 6065

Bepaling van de bijdrage tot brandvoortplanting van bouwmateriaal (combinaties)

NEN 6066

Bepaling van de rookproductie bij brand van bouwmateriaal (combinaties)

NEN 6069

Beproeving en klassering van de brandwerendheid van bouwdelen en bouwproducten

NEN-EN 309

Spaanplaat - Definitie en classificatie

NEN-EN 312

Spaanplaat - Specificaties

NEN-EN 314

Triplex - Kwaliteit van de lijmverbinding

NEN-EN 317

Spaanplaat en vezelplaat - Bepaling van de diktetoename door zwelling na onderdompeling in water

NEN-EN 319

Spaanplaat en vezelplaat - Bepaling van de treksterkte loodrecht op het vlak van de plaat

NEN- EN 320

Spaanplaat en vezelplaat - Bepaling van de weerstand tegen het langs de as uittrekken van schroeven

NEN-EN 622

Vezelplaten - Specificaties

NEN-EN 635

Triplex - Classificatie door beoordeling van het uiterlijk van het oppervlak

NEN-EN 1072

Triplex - Beschrijving van de buigeigenschappen van constructietriplex

NEN-EN 1087

Spaanplaat - Bepaling van de bestandheid tegen vocht

NEN-EN 1172

Koper en koperlegeringen - Plaat en band voor de bouw

NEN-EN 1173

Koper en koperlegeringen - Toestandaanduidingen

NEN-EN 1990

Eurocode 0: Grondslagen van het constructief ontwerp

NEN-EN 1991

Eurocode 1: Belastingen op constructies

NEN-EN 1993-1-1

Eurocode 3: Algemene regels en regels voor gebouwen

NEN-EN 1993-1-8

Eurocode 3: Aanvullende regels voor verbindingen

NEN-EN 1995

Eurocode 5: Ontwerp en berekening van houtconstructies

NEN-EN 10020

Definitie en indeling van staalsoorten

NEN-EN 10088

Roestvaste staalsoorten

NEN-EN 12326

Producten van lei en andere natuursteen voor dakbedekkingen en buitenmuurbekledingen

NEN-EN 13364

Beproevingsmethoden voor natuursteen - Bepaling van de breekkracht bij een deuvelgat

NEN-EN 13501

Brandclassificatie van bouwproducten en bouwdelen

NEN-EN-ISO 178

Kunststoffen - Bepaling van de buigeigenschappen

NEN-EN-ISO 179

Kunststoffen - Bepaling van de slagsterkte volgens Charpy

NEN-EN-ISO 180

Kunststoffen - Bepaling van de slagsterkte volgens Izod

NEN-EN-ISO 1461

Door thermisch verzinken aangebrachte deklagen op ijzeren en stalen voorwerpen - Specificaties en beproevingsmethoden

NEN-ISO 197

Koper en koperlegeringen - Termen en definities

NEN-ISO 4892

Kunststoffen - Methoden om monsters aan laboratorium-lichtbronnen bloot te stellen

NVN-ENV 13381

Beproevingsmethoden voor de bepaling van de bijdrage aan brandwerendheid van draagconstructie-onderdelen

Normen van het Deutsches Institut für Normung

DIN 4102

Brandverhalten von Baustoffen und Bauteilen

DIN EN 310

Holzwerkstoffe; Bestimmung des Biege-Elastizitätsmoduls und der Biegefestigkeit

DIN EN 312

Spanplatten - Anforderungen

DIN EN 317

Spanplatten und Faserplatten; Bestimmung der Dickenquellung nach Wasserlagerung

DIN EN 322

Holzwerkstoffe; Bestimmung des Feuchtegehaltes

DIN EN 323

Holzwerkstoffe; Bestimmung der Rohdichte

DIN EN 324

Holzwerkstoffe; Bestimmung der Plattenmaße

DIN EN 326

Holzwerkstoffe - Probenahme, Zuschnitt und Überwachung

DIN EN 438

Dekorative Hochdruck-Schichtpressstoffplatten (HPL) - Platten auf Basis härtbarer Harze (Schichtpressstoffe)

DIN EN 622

Faserplatten - Anforderungen

DIN EN 13986

Holzwerkstoffe zur Verwendung im Bauwesen - Eigenschaften, Bewertung der Konformität und Kennzeichnung

DIN EN 14322

Holzwerkstoffe - Melaminbeschichtete Platten zur Verwendung im Innenbereich - Definition, Anforderungen und Klassifizierung

Normen van International Organization for Standardization

ISO 9223 Corrosion of metals and alloys - Corrosivity of atmospheres - Classification, determination and estimation